zaterdag 18 mei 2013

Paleo-orthodoxie en de tabernakel in de liturgie

In zijn boek The Spirit of the Liturgy wijdt de voormalige paus, Joseph Ratzinger, een hoofdstuk aan de manier waarop in de Roomse liturgie het sacrament van de eucharistie wordt bewaard in een ‘tabernakel’ op het hoogaltaar in de kerk. Op de foto is de tabernakel het centrale 'huisje' met het groene gordijn ervoor.

Dit hoofdstuk komt me over als een fremdkörper in dit boek van Ratzinger. Ik leg uit waarom, aan de hand van wat ‘principes’ van paleo-orthodoxie.

Ten eerste, Ratzinger’s openingszin luidt: ‘De kerk van het eerste millennium wist niets van [onze Roomse] tabernakels.’ Welaan, dan kan het toch niet van enorm belang zijn, is mijn conclusie direct. Maar Ratzinger legt uit waarom ik me vergis.

De tabernakel is het voorwerp op het altaar waarin de geconsecreerde hosties worden gewaard. Die worden beschouwd als de ‘aanwezigheid van de levende Heer’. Het gebruik van die tabernakel ‘is de vrucht van gepassioneerde theologische strijd’ aan het begin van het tweede millennium. Ratzinger bespreekt vervolgens kort het belang van de transsubstantiatie, waar ik nu niet op inga. Ratzinger doet dat ook niet, maar hij beklemtoond wel dat het Nieuwe Testament (Paulus, Johannes 6, etc) geloofden dat brood en wijn het Lichaam en Bloed van Christus worden die zichzelf aan ons te eten geeft.

Het eucharistische lichaam van de Heer wordt aan ons gegeven zodat wij als gelovigen samen zijn ware lichaam worden. Maar de gave van de eucharistie kan dit alleen doen omdat brood en wijn zijn ware lichaam en bloed worden, argumenteert Ratzinger. Dit vind ik een waardevolle gedachte. Maar hiervoor heb ik niet de ingewikkelde constructie van transsubstantiatie nodig.

Ja, als ik de eucharistie vier is het werkelijk Christus die zich in brood en wijn aan ons aanbiedt. Maar in onze Anglicaanse liturgie bidden we dat dit brood en deze wijn ‘voor ons’ het lichaam en bloed van Christus zijn, en we worden gedrongen het aan te nemen in geloof en met dankzegging. Het wonder speelt zich niet af in de elementen van brood en wijn, maar in onze relatie met Christus. Hij gebruikt in die relatie brood en wijn om zich aan ons bestaan op te dringen: het is zijn lichaam dat we eten en zijn bloed dat we drinken. Maar dat is alleen zo voor wie Christus, in de gedaante van brood en wijn, in geloof en met dankzegging (eucharistie) aanvaardt.

Ratzinger is het hiermee niet eens natuurlijk. Hij zegt: "De vroege kerk was zich al goed bewust dat het brood, zodra het was veranderd, veranderd bleef. Daarom [brachten ze het rond naar] de zieken, en dat is waarom ze het met zoveel eerbied behandelden, zoals de oosterse kerk nog steeds doet."

Inderdaad, ook in Egypte gaan we uiterst zorgvuldig met brood en wijn om. Maar de oosterse kerk had daar nooit een leer van transsubstantiatie voor nodig. En ook als Anglicanen kunnen we het brood bij zieken brengen, maar dat is omdat ze daardoor de eenheid met de gelovigen en de gemeenschap met de Heer beleven als ze niet zelf naar de kerk kunnen komen.

Na afloop van de viering drink ik meestal de beker leeg, en het brood delen we uit onder de kerkgangers zodat we het samen opeten. Uit eerbied – we bewaren het niet. Dat zou ook lastig zijn met het brood dat we gebruiken - dat is in een paar uur oud.

In onze Anglikaanse kerk hebben we dus geen tabernakel op het altaar of elders – we drinken alle wijn en eten alle brood. Dat is praktisch, maar we zouden ook als we hosties gebruiken dat toch niet behandelen, na afloop van de eredienst, alsof we met Jezus zelf te maken hebben. Deze objectivering van brood en wijn als Lichaam en Bloed gaat me te ver. Jezus komt in de eredienst tot ons als brood en wijn voor wie dat brood en die wijn, ja de Heer Jezus zelf, in geloof ontvangt. Meer moeten we hierover denk ik niet zeggen.

Ik geloof in de echte aanwezigheid van onze Heer in brood en wijn. Hoe zou ik kunnen geloven in de afwezigheid van Hem, of in de onechte aanwezigheid. Maar die echte aanwezigheid hoef ik niet in theologische finesses uit te spellen.

Wel verzet ik me van harte tegen het idee dat brood en wijn slechts symbolen zijn. Door het gebed van de predikant, voorganger, priester, krijgen brood en wijn een ander karakter voor wie het in geloof ontvangt. Christus is werkelijk aanwezig als we eten en drinken. Hij geeft zich aan ons. Het offer dat hij eenmaal bracht wordt geactualiseerd voor onze ogen en Hem nemen we tot ons als we brood en wijn nuttigen.

Brood eten en wijn drinken is eredienst. Het is Christus die tot iedere individu komt zodat we als individuen een zijn met Hem en met elkaar, zegt Ratzinger. Dat zijn mooie woorden. Hij verbindt deze communion met de noodzaak van adoration. Het is de aanbidding van het Lam – in geloof en met dankzegging – die de eucharistie zijn waarde geeft. Dat is het hoogtepunt van de gemeenschap met Christus.

Voor Ratzinger betekent dit dat je als gelovige in aanbidding naar de hostie in de tabernakel kan opzien. Daarom moet het dus in de liturgie een voorname rol spelen.

Vanuit mijn paleo-orthodoxe benadering concludeer ik ten eerste dat iets dat in de eerste 1000 jaar van de kerk niet bestond, toch nooit zo van enorm belang kan zijn in de liturgie van de kerk. Ik heb er geen boodschap aan, temeer daar de argumenten voor de tabernakel sterk samenhangen met transsubstantiatie waar in de oude kerk ook niet over werd gesproken.

Tegelijk, de leer van transsubstantiatie spreekt de leer en het gebruik in de oude kerk ook niet tegen. Daarom zal ik er in mijn omgang met mijn katholieke geloofsbroeders nooit een breekpunt van maken. De oude kerk geloofde van harte dat brood en wijn het echte lichaam van Christus werden, en dat geloof delen we.

Om buiten de eredienst om dat brood en wijn als Jezus te behandelen, gaat me wel te ver. Ik aanbid Hem, niet het brood en de wijn die Hij gebruikt om tot me te komen. Net zomin als ik het doopwater aanbid omdat Hij het water gebruikt om ons te behouden.

Overigens.... er zijn Anglikaanse kerken die wel zo'n tabernakel hebben - als ze in de Anglo-Katholieke traditie staan.  Ik vraag me vaak af waarom zulke Anglikanen zich niet gewoon bij de kerk van Rome aansluiten.  Nou ja, voor hun priesters is dat vervelend - ze raken er hun bij de Anglikaanse instanties opgebouwde pensioen mee kwijt.

13 opmerkingen:

mbuurman zei

Wat deden de christenen in de vroege tijd van de Kerk met het brood en de wijn, die in de Mis waren geconsacreerd, als daarvan overbleef; werd dat ook opgegeten en opgedronken?

mbuurman zei

Ik reageer in een paar delen op deze blog. Dat doe ik als gewone katholiek, zonder theologische achtergrond.

JS: “Inderdaad, ook in Egypte gaan we uiterst zorgvuldig met brood en wijn om. Maar de oosterse kerk had daar nooit een leer van transsubstantiatie voor nodig. En ook als Anglicanen kunnen we het brood bij zieken brengen, maar dat is omdat ze daardoor de eenheid met de gelovigen en de gemeenschap met de Heer beleven als ze niet zelf naar de kerk kunnen komen.”

Maar waarom beleven ze die eenheid dan door het in de eucharistie geconsacreerde brood te ontvangen en te eten? Uiteindelijk is de reden toch het geloof dat het brood het lichaam van Christus is geworden. Dat werkt blijkbaar door in de tijd na het moment van de feitelijke viering en consecratie.

mbuurman zei

JS: “Na afloop van de viering drink ik meestal de beker leeg, en het brood delen we uit onder de kerkgangers zodat we het samen opeten. Uit eerbied – we bewaren het niet.”
Waarom het brood na de viering niet weggooien? Die eerbied om alles uit te delen en op te maken heeft een réden.

mbuurman zei

JS: “Ik geloof in de echte aanwezigheid van onze Heer in brood en wijn. Hoe zou ik kunnen geloven in de afwezigheid van Hem, of in de onechte aanwezigheid.”

Veel van onze protestantse broeders en zusters die samen brood delen geloven toch niet in de werkelijke aanwezigheid van Christus in dat brood? Het kán dus blijkbaar wel.

JS: “Maar die echte aanwezigheid hoef ik niet in theologische finesses uit te spellen.”

Dat hoeft niet, maar als iemand dóórvraagt naar het karakter van de eucharistie, kom je dan niet uit op de transsubstantiatie?

mbuurman zei

JS: “Vanuit mijn paleo-orthodoxe benadering concludeer ik ten eerste dat iets dat in de eerste 1000 jaar van de kerk niet bestond, toch nooit zo van enorm belang kan zijn in de liturgie van de kerk. Ik heb er geen boodschap aan, temeer daar de argumenten voor de tabernakel sterk samenhangen met transsubstantiatie waar in de oude kerk ook niet over werd gesproken.”

In de gewone praktijk van mijn katholieke kerk wordt ook niet over de transsubstantiatie gesproken; in de Mis wordt gezegd dat brood en wijn Zijn Lichaam en Bloed worden, net als in die oude kerk. De transsubstantiatie is een onderliggende aanname die niet uitgesproken hoeft te worden.

mbuurman zei

JS: “De oude kerk geloofde van harte dat brood en wijn het echte lichaam van Christus werden, en dat geloof delen we.”

Naar mijn idee aanvaardt je daarmee in feite de leer van de transsubstantiatie. Die leer zegt immers dat de substantie van brood en wijn gelijk blijven, terwijl ze toch werkelijk het lichaam van Christus worden.

mbuurman zei

JS: “Om buiten de eredienst om dat brood en wijn als Jezus te behandelen, gaat me wel te ver. Ik aanbid Hem, niet het brood en de wijn die Hij gebruikt om tot me te komen.”

Dat is geen argument om een verschil tussen brood en wijn tijdens, en na, de eucharistie te onderbouwen. Volgens de katholieke leer wordt zowel tijdens als na de eucharistie door het geconsacreerde brood Christus zelf aanbeden, en niet dat stukje brood. De katholieke kerk leert ook niet dat de hostie en Christus hetzelfde zijn, alsof Hij zou verdwijnen na het nuttigen van de hostie. Het gaat om de werkelijke aanwezigheid van Christus. Die ontstaat in de eucharistie. Waarom zou die aanwezigheid verdwijnen, en op welk moment dan? Het gaat niet te ver, maar het is juist waardevol dat we ook na de Mis de geconsacreerde hosties met eerbied kunnen behandelen vanwege de belofte van Zijn werkelijke aanwezigheid. Dat geloof is niet gebonden aan een moment, maar aan die belofte. En die belofte duurt voort.

JS: “Net zomin als ik het doopwater aanbid omdat Hij het water gebruikt om ons te behouden.”
Deze vergelijking heeft geen betekenis. Van het doopwater heeft Christus niet gezegd dat het Zijn bloed is.

mbuurman zei

Mijn conclusie: als je consequent bent behandel je het geconsacreerde brood ook na de Mis met eerbied, óf aanvaard je niet dat het brood waarlijk Christus wordt in de eucharistie en beschouw je het delen van het brood als louter symbolisch .

Jos Strengholt zei

Beste MBuurman

Dank voor je vragen. Theologisch achtergrond doet me niet zoveel. Helder denken is vaak al lastig genoeg. Je helpt me met je vragen om mijn eigen denken aan te scherpen.

Je vraagt: Waarom beleven zieken die thuis de hostie ontvangen de eenheid met de gelovigen die dat in de kerk deden. Uiteindelijk is de reden toch het geloof dat het brood het lichaam van Christus is geworden. Dat werkt blijkbaar door in de tijd na het moment van de feitelijke viering en consecratie.

Dat hoeft toch niet? Als je buurvrouw niet op je feestje kan komen omdat ze ziek is, en je laat haar van je feestmaal het desert brengen, dan zal je je dankbaar zeggen dat ze er toch een beetje bij kon zijn.

Maar ik merk dat ik mezelf ook niet goed uitdrukte. Ik had natuurlijk nadruk moeten leggen op de gemeenschap met God, niet met de gemeenteleden. Dat laatste is een aspect van de eucharistie, maar het belangrijkste aspect is dat God tot ons komt in de sacramenten. Dan blijft de vraag: als het dus nog steeds om gewoon brood gaat, zonder op de een of andere manier het echte lichaam van Christus, waarom het dan aan zieken brengen? En er verder over nadenkend, geloof ik dat ik deze gewone katholiek zonder theologische achtergrond moet bedanken ☺

Want… we brengen dat brood bij zieken om ze te laten delen in de gemeenschap met God. Maar we herhalen niet de instellingswoorden die we in de eredienst hebben gebruikt. Dus we gaan er vanuit dat op dat moment, in de eredienst, iets gebeurt dat niet herhaald hoeft te worden als de zieke het brood ontvangt voor zijn gemeenschap met God. Dankje, mbuurman.

Je zei ook: Waarom het brood na de viering niet weggooien? Die eerbied om alles uit te delen en op te maken heeft een réden.

Ja inderdaad. Eenvoudig eigenlijk ☺

Jij reageerde, op mijn opmerking dat we die echte aanwezigheid niet in theologische finesses hoeven uit te spellen, met: Dat hoeft niet, maar als iemand dóórvraagt naar het karakter van de eucharistie, kom je dan niet uit op de transsubstantiatie?

Nee dat denk ik niet. We moeten verstandig zijn en gewoon op tijd zeggen dat we iets niet weten. Kan jij antwoorden hoe God de wereld schiep, als mensen doorvragen? Hoe kan het dat God mens werd? Hoe zat het precies met de verhouding tussen de menselijkheid en de goddelijkheid van Jezus? Hoe kan de kerk zo menselijk zijn en tegelijk het lichaam van de Heer? Als mensen vragen: hoe kan dit brood nou het lichaam van Jezus voor jou zijn, dan is er niks mis mee om gewoon te zeggen: ik geloof…

Jij zegt: In de gewone praktijk van mijn katholieke kerk wordt ook niet over de transsubstantiatie gesproken; in de Mis wordt gezegd dat brood en wijn Zijn Lichaam en Bloed worden, net als in die oude kerk. De transsubstantiatie is een onderliggende aanname die niet uitgesproken hoeft te worden.

...En daarom heb ik ook helemaal geen enkele fractie van een probleem om deel te nemen aan de RK eucharistie. Maar ik mag niet van jullie ☺

Jij zegt: Naar mijn idee aanvaardt je daarmee in feite de leer van de transsubstantiatie. Die leer zegt immers dat de substantie van brood en wijn gelijk blijven, terwijl ze toch werkelijk het lichaam van Christus worden.

Je zegt het zo eenvoudig… en de RK theologen hebben er zo’n enorme filosofie omheen gebouwd. Ik ben het dus van harte eens met hoe jij het uitdrukt, maar de theologische en filosofische finesses – het Middeleeuwse Thomisme – dat is denk ik niet nodig, zelfs niet behulpzaam.

Nogmaals, dank voor je vragen – je hebt me geholpen!

mbuurman zei

Hartelijk dank voor dit antwoord. Ik ga er eens rustig over nadenken.

Marcel Buurman

mbuurman zei

Een late reactie als gevolg van tijdgebrek.
Inmiddels heb ik wat nagedacht, en ook een beetje gelezen (op de website rkk.nl). Ik ontdek nu dat ik me niet geheel zorgvuldig uitdrukte toen ik schreef: “Die leer zegt immers dat de substantie van brood en wijn gelijk blijven, terwijl ze toch werkelijk het lichaam van Christus worden”.
Want de term ‘substantie’ wordt anders gebruikt dan ik dacht; het slaat niet op de fysieke gesteldheid, maar op het diepere wezen van de materie. Ik bedoelde in ieder geval, dat de fysieke samenstelling van brood en wijn niet veranderen, terwijl er toch een wezenlijke wijziging ontstaat.

JS: “Want… we brengen dat brood bij zieken om ze te laten delen in de gemeenschap met God. Maar we herhalen niet de instellingswoorden die we in de eredienst hebben gebruikt. Dus we gaan er vanuit dat op dat moment, in de eredienst, iets gebeurt dat niet herhaald hoeft te worden als de zieke het brood ontvangt voor zijn gemeenschap met God.”
Dus: de leer van de transsubstantiatie. Toch? Want je zegt dat Christus ook dan, na de eredienst en op een andere plaats, in het brood aanwezig is.

JS: “Als mensen vragen: hoe kan dit brood nou het lichaam van Jezus voor jou zijn, dan is er niks mis mee om gewoon te zeggen: ik geloof…”
Ja. Voor mijn gevoel past de leer van de transsubstantiatie – zonder dat je dat woord hoeft te gebruiken - juist bij deze eenvoudige benadering.

Vriendelijke groet,
Marcel Buurman

Johan Caenen zei

Beste Jos, als Anglo-Katholiek heb ik toch wel wat moeite met de laatste alinea van je bericht. Ik vind dat een beetje flauw. Binnen de CofE is de Anglo-Katholieke traditie wel degelijk een grondstroming. Het feit dat al die Anglo-Katholieke priesters Anglicaan willen zijn en blijven zegt heel veel over hun getrouwheid.

Oorspronkelijk van ik van katholieke huize, vandaar is het ook niet zo verwonderlijk dat ik gekozen heb voor de anglo-katholieke traditie (en de oud-katholieke kerk). Ik begrijp ook heel goed dat jij als "protestant" in een totaal andere hoek van de CofE leeft. Maar ik denk dat we als anglicanen elkaar moeten ernstig blijven nemen. Een CofE zonder Anglo-Katholieken of evangelicals zal toch een verminkt lichaam zijn.

Jos Strengholt zei

Johan - draai de zaak om... misschien ben ik wel jaloers :-) en ik zit veel dichter bij de anglo-katholieken dan je denkt... Ik zit meer aan hun kant van het spectrum dan aan de laagkerkelijke, en merk dat ik nog steeds opschuif...

Ik wilde niet flauw zijn maar die kwestie van pensioen speelt wel degelijk een behoorlijke rol voor priesters.