maandag 2 december 2013

'Al die ellende, hoe kan je dan in een goede God geloven...'

Hoevaak heb ik die woorden niet gehoord uit de mond van mensen die meenden God vaarwel te moeten zeggen.  'Al die ellende, hoe kan je dan in een goede God geloven...'

Vanmorgen las ik van Jesaja deze woorden, 'U bent voor de geringe een vesting geweest, een vesting voor de arme in zijn nood.' (Jes 25:4)  Van Jesaja krijg je helemaal niet de indruk dat zijn geloof in God onder druk staat omdat er zoveel ellende in de wereld is.  Hij ziet juist hoe God de armen, de ellendigen, nabij is.

Vreemd.  De welgestelden in het westen zien in armoede en ellende een reden om God vaarwel te zeggen.  En dat terwijl de armen in de wereld doorgaans juist wel in God of goden geloven. Drie opmerkingen hierover.

1. Het idee dat ellende in de wereld een bewijs tegen het bestaan of de betrokkenheid van God zou zijn, komt ongetwijfeld voort uit het idee dat elke denkbare god natuurlijk een god moet zijn die ons geeft wat we willen.  Een goedgemutste sinterklaas die iedereen cadeaus geeft en niemand in de zak doet.  'Als god niet is zoals wij hem wensen, dan kan hij er niet zijn...'

Inderdaad.  Die god bestaat niet.  Laten we dat maar even vaststellen.  De god van onze wensen is een idee fixe.  Wat we wensen is ons eigen hersenspinsel en binnen die kaders past God niet.  Die is altijd weer heel anders dan we Hem ons voorstellen of wensen.

Wat we van de bijbelse God weten, is niet het gevolg van onze wensen, verlangen of denken, maar van zijn Zelfopenbaring.  De bijbelse God is helemaal niet zo wenselijk. Zo hadden we Hem nooit bedacht...

2. Om de ellende in de wereld tot reden te bestempelen om niet in God te willen geloven, heeft nog iets anders dat eigenaardig is.  Het zijn bepaald niet de armen in de wereld die hun God of goden vaarwel zeggen.

Mensen in ellende gebruiken hun omstandigheden niet als argument om God in de prullenbak te stoppen.  Misschien dat ze soms hun vuisten tegen de hemel ballen, maar dat is beter dan de ongeïnteresseerdheid van verwende westers mensen die het bestaan van God onmogelijk noemen terwijl ze met hun vrienden nog een keer het glas heffen.

God is dichtbij mensen in ellende; Hij is veel moeilijker te vinden voor mensen die menen Hem niet nodig te hebben en die de ellende van anderen daarvoor als onlogisch argument aanvoeren.

3. De God die zich in de geschiedenis van Israel en de kerk openbaart, is niet makkelijk in systemen te passen; geloof in Hem is in ieder geval geen ontkenning van de ellende in de wereld.  In Israel en de Kerk is die vraag naar de combinatie van een Schepper en een imperfecte schepping altijd gesteld.  Het is, zou je kunnen zeggen, juist de basis van alle menselijk zoeken naar God.  En zonder alle antwoorden te weten, hebben we als Kerk, samen met Israel, altijd vastgehouden aan de impact van de zondeval.

Waar het om ellende gaat, is de mens zelf voor een groot deel direct aansprakelijk.  We kiezen tegen gehoorzaamheid aan God, en dat heeft verstrekkende consequenties.  We veroorzaken veel van onze eigen ellende zelf.  We kunnen God niet van alles de schuld geven.

Er is zoveel ellende in de wereld, daarom kan ik niet in de goede mens geloven.                

  

zondag 1 december 2013

...Uit Sion zal de wet uitgaan.


Je kunt de bijbel niet vrijblijvend lezen; je kunt niet zomaar toelaten dat de Geest van God tot je spreekt, 't is oppassen geblazen.  Het gedrag en de geest van de Auteur van dat Boek hebben nogal invloed op de serieuze lezer. 

Van de week sprak ik met iemand over de zending van de kerk, en onmiddellijk ging het over de Hernhutters en William Carey, helden van de moderne zendingsbeweging.  Van de protestantse zendingsbeweging.  Heeft de rest van de wereldkerk niets gedaan dan?

De bijbel begint met God die vanuit de hemel besluit om een universum te maken.  En zodra de eerste mensen er een potje van maken, stuurt Hij die de wereld in.  Als de aardbewoners het te knus krijgen rond hun toren van Babel stuurt God ze de wereld in.  Abraham moet de wereld in.  Israel wordt gekozen om een zegen voor de aarde te zijn.  Als Israel God niet gehoorzaamt, duwt God ze de wereld in, naar Babylon.

Dan komt Jezus de wereld in.  En de volgelingen van Hem moeten ook de hele wereld intrekken.  Als ze het iets te gezellig hebben in Jeruzalem, zorgt God voor een stevige vervolging, zodat ze daadwerkelijk overal heengaan. 

De beweging in de bijbel is centrifugaal.  Vandaar ook dat we lezen dat op een dag, de Wet van God uit Sion zal klinken - voor de hele wereld. (Micha 4:2 etc)  Ik las dit gedeelte vanmorgen in mijn Morning Prayer en ben God dankbaar dat Hij mens werd om de wereld tot zegen te zijn.  Dat Gods Woord uit Sion klinkt werd op zijn mooist zichtbaar toen Jezus in de tempel preekte, en zijn volgelingen deden dat daarna evenzo.      

Je kunt die verhalen niet telkens horen zonder dat iets van de houding van de Schepper zelf onder je huid gaat zitten.  Vandaar dat de kerk heus geen bewijsteksten als Mat 28:20 nodig heeft om te weten dat we de wereld inmeten om voor allen tot een zegen te zijn.  Zending heeft geen bewijsteksten nodig want de zending van de kerk is een uiting van onze band met God - en God is een God van de wereld.  

Vandaar ook dat het zo apart is als protestanten denken dat zending met hun is begonnen.  Hoe denk je dat Zuid Amerika christelijk werd? Jawel, door de Roomse missie.  Toen Calvijn en Luther nog twisten met die kerk, deed die kerk aan zending.  

Het is makkelijk om de Nestorianen te vergeten - omdat hun zendingswerk tenslotte door geweld is verwoest.  Maar al in de vroege eeuwen na Christus bereikten deze zendelingen India en China, en niet zonder succes.  En de Egyptische kerk bereikte Ethiopia.  En Ierland.  

En Rusland? Bekeerd door de missie van de Orthodoxe kerken. 

En hoe is Europa christelijk geworden?  Roomse missie, waarde vrienden.  Daar danken we alles aan.   Zelfs de Friezen konden dat met hun moord op Bonifatius niet stoppen.

Van wat voor houtje onze kerken ook zijn, missie zit in het DNA.  Want de Schepper zelf heeft ons zijn Geest gegeven.  En kerken die geen deel uitmaken van die missie moeten zich afvragen of er niet iets grondig mis is met ze. 



zaterdag 30 november 2013

Eten, drinken en vrolijk zijn

Als onze Heer het over de toekomst heeft, waarschuwt hij zijn volgelingen dat Hij op zekere dag terugkomt, en dat mensen tot op de laatste nipper bezig zullen zijn met eten, drinken, trouwen en ten huwelijk geven. Zo was het ook in de dagen van Noach, toen plots de grote vloed kwam. (Mt 24:38)

Foute boel dus, dat gewone leven van eten en trouwen en al dat soort alledaagse bezigheden. Met het oog op de komst van de Heer moeten we uitstijgen boven de middelmaat.  Het is niet goed om je leven met gewone dingen bezig te zijn.

Ja, dat zou je op het eerste oog denken, maar Jezus legt vervolgens uit, dat twee mensen op de akker werken, en dat een van hen zijn eigendom zal zijn.  En twee vrouwen zijn graan aan het malen met hun molen, en de een zal worden afgewezen, de ander aangenomen door onze Heer. (Mt 24:40-41)

Gelovigen zijn dus tot op de laatste nipper bezig met alledaagse zaken.  En dat is goed.  God roept ons om te eten, te drinken, om vrolijk te zijn, om te trouwen, te feesten, te werken, te ontspannen, een ommetje te lopen, een briefje te schrijven aan je kinderen, naar een voetbalwedstrijd te kijken.  En terwijl we met die alledaagse dingen bingen zijn, komt de Heer en Hij neemt ons aan.

Juist de alledaagse dingen van het leven zijn de arena waar we God dienen.   Jezus roept ons op om waakzaam te zijn, maar dat betekent dus niet dat we niet op de akker werken, of dat we geen graan zouden malen.  Werk, en de huishouding, zijn de arena.

Waakzaamheid is niet dat we buitengewone dingen gaan doen, maar dat we temidden van onze alledaagse bezigheden, het oog op onze Heer gericht houden.  Hij verwacht van ons geen buitengewone acties, maar dat we buitengewone mensen zijn, die met onze liefde voor God en onze naaste, glans geven aan het dagelijks leven.


vrijdag 8 november 2013

ikonen in de kerk

De afgelopen weken werkte ik aan een artikel over Iconen in de Kerk.  Ik deed dat met nogal wat gebruik van wat St John of Damascus over iconen schreef, in de tijd dat daarover in de kerk werd gestreden. >> Hier mijn hele artikel als pdf.  En voel je helemaal vrij om commentaar te leveren daar word ik alleen maar beter van :-)

maandag 4 november 2013

Refoweb, Ds Jannes Hoekman (Urk), en Apostolische Successie


Op refoweb, een vraagbaak voor iedere naar waarheid zoekende refo, kwam ik deze week een vraag-en-antwoord tegen over apostolische successie. Hier het bewijs.

De vraag luidde: “Waarom geloven de meeste protestanten niet in de apostolische successie en het bestaan van de Traditie? De vroege Kerk verkondigde beide leerstellingen vrij eenduidig, of heb ik dat mis? Zouden wij niet hen, bijvoorbeeld Ignatius van Antiochië, niet moeten geloven omdat zij veel dichter bij de apostelen leefden, misschien zelfs nog gekend hadden?”

Ds. Jannes Hoekman van de Ark op Urk geeft het antwoord. Ik laat een paar zaken maar weg voor de helderheid, en de nummering is van mijzelf. Hoekman dus: 
1) […] De leerstellingen van de successie ontstonden ook weer vanuit allerlei kerkpolitieke motieven, waarbij de staat zich (nadat de christenvervolgingen ophielden) met de kerk verbond. En dus praten we over een groot machtssysteem. Mensenwerk!

2) En de rekening werd vanaf dat moment betaald door Gods oogappel: Israël. Diezelfde Oude Kerk heeft wel meer teweeggebracht waarvan de vruchten wrang zijn. [….] Zo werden alle OT-ische profetieën geestelijk uitgelegd. Dat heeft naar mijn mening het antisemitisme behoorlijk versterkt, zo niet teweeggebracht. Israël had afgedaan als volk en de kerk was nu het nieuwe Israël geworden (vervangingstheologie)! 



3) Ik geef deze voorbeelden om aan te tonen, dat diegenen die er dichterbij stonden niet noodzakelijk ook de dingen goed interpreteerden. Wij staan naar mijn mening juist ‘objectiever’ (minder direct betrokken) op afstand en er is zeker ook voortschrijdend inzicht en ontwikkeling van methoden/wetenschap/middelen.[…]

4) Ik hoop dat u deze dingen in uw gedachten meeneemt en dat dichterbij ook vaak betekent: onvoldoende afstand/minder objectief/contextgevoelig.

De vraagsteller noemde Ignatius van Antiochie, en het was handig geweest als Hoekman daar enige notie van had genomen. Ik zou nog 20 jaar teruggaan in de tijd, naar Clemens van Rome (ca 95 na Chr). Die schreef in I Clemens 42: 
De apostelen ontvingen het evangelie voor ons van Jezus Christus, en Jezus de Christus werd door God gezonden. Dus Christus is van God, en de apostelen zijn van Christus; beiden kwamen ze in de juiste (volg)orde door de wil van God. […] En terwijl [de apostelen] van land tot land en van stad tot stad preekten, stelden ze hun eerste bekeerlingen aan […] om episkopoi [opzieners of bisschoppen] en diakenen te zijn van de toekomstige gelovigen. 

Interessant is dat Clemens het nodig vindt om aan te tonen dat de instelling van bisschoppen en diakenen geen vernieuwing was, maar iets wat al eerder in de Schriften was aangekondigd. Er waren blijkbaar gemeenteleden die beweerden dat het nieuw was - vergeleken met de allereerste gemeenten wellicht?  In I Clemens 44 zegt Clemens:
En onze apostelen wisten door onze Heer Jezus Christus dat er strijd zou komen over de titel van episkopos. Daarom, omdat hen volledige voorkennis was gegeven, hebben ze hen aangesteld die ik hiervoor noemde, en daarna hebben ze de opdracht toegevoegd, dat als die zouden overlijden, andere bekwame mannen hen in hun bediening zouden opvolgen. 

Waar haalt Hoekman de suggestie vandaan dat de apostolische successie pas drie eeuwen later zou zijn bedacht? En hoezo is dat een groot machtssysteem? Mensenwerk? Hoekman toont niet aan dat apostolische successie een laat verschijnsel is en negeert de vraagsteller, maar weet wel dat het om macht en mensenwerk gaat. Dat lijkt me een voorbarige conclusie als je de waarheidsvraag gewoon negeert.  Komop broeder Hoekman, lees de kerkgeschiedenis nog eens, en dan niet uw anti-Roomse bril op.  De Koptisch Orthodoxe Kerk en de Nestoriaanse Kerk en alle niet-Roomse kerken van de eerste eeuwen geloven ook in apostolische successie.  Dat idee heeft niks te maken met de kerk die zich met de staatsmacht verzoende.  Het is een geloof dat teruggaat op de apostelen...  

En hoe toont Hoekman aan dat we in wezen de theologen van de oude kerk terzijde kunnen laten liggen? Omdat ze niet dezelfde christen-zionistische opvatting hadden als hijzelf. Dat is zijn eerste en scherpste argument.  Nu is dat in Nederland een ijzersterk argument want niemand durft vervolgens meer iets te zeggen. Maar wellicht is het toch boeiend om te melden dat de leiders van de kerk van de eerste eeuw na het Nieuwe Testament natuurlijk wel vooral Joden en Jodengenoten waren. De groei van de kerk was aanvankelijk vooral een binnen-Joodse kwestie. Uit dat milieu stammen de theologen die het over apostolische successie hadden.

Wie dichterbij staat is vaak minder objectief? Wij zijn tegenwoordig meer objectief? De vroege kerk was meer contextgevoelig en wij zijn dat minder? Wat een eigenaardige argumenten om gewoon te omzeilen wat de vraagsteller haarfijn aangeeft: Als de oude kerk over apostolische successie en Traditie eenduidig dacht, waarom zijn wij daar dan van afgeweken? Hoekman geeft geen direct antwoord maar veegt de vraag van de tafel door gewoon te poneren: wij weten het beter. En dat vraag ik me dus af.  

Ik wil de vraagsteller bijvallen; als de oude kerk in de breedte van de kerk en vanaf het prille begin wezenlijk gelijk dacht over een kwestie, dan moeten wij vandaag de dag wel heel sterkte papieren hebben om nu anders te denken.  Het geloof van die oude kerk heeft het al 2000 jaar overleeft; wij die menen dat die lui ernaast zaten, moeten nog maar zien wat er van ons met onze opvattingen terecht komt.