zondag 2 november 2008

De Fatiha: Het gebed van de Islam (2) Waarom loven we God?

Surah Al-Fatiha:
1. In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
2. Alle lof zij Allah, de Heer der werelden
3. De Barmhartige, de Genadevolle
4. Meester van de Dag des Oordeels
5. U alleen aanbidden wij en U alleen smeken wij om hulp
6. Leid ons op het rechte pad,
7. het pad dergenen aan wie Gij gunsten hebt geschonken, niet dat van hen op wie toorn is
nedergedaald, noch dat der dwalenden.

Introductie
Alle moslims kennen de eerste Surah van de Koran, de Fatiha (De Opening) uit het hoofd. Dit is het belangrijkste gebed in de Islam, en daarom leren we veel over de Islam door dit gebed te bestuderen. Daarbij helpt het om het ultieme christelijke gebed, dus het OnzeVader, als spiegel te gebruiken.

Lof aan God
Opvallend in de Fatiha en het OnzeVader, is dat ze beide, na God te hebben aangesproken, Hem eerst lof brengen. De Fatiha zegt in het Arabisch al-hamdu lillah, een term die velen wel bekend is. Letterlijk betekent dit: de lof [behoort] aan Allah. Christenen in de Arabische wereld gebruiken deze woorden ook vaak; ze zijn dus niet typisch Islamitisch. Ze worden vaak als als stopwoord gebruikt; als je iemand vraagt hoe het met hem gaat, is het gebruikelijke antwoord: al-hamdu lillah.

Uw naam worde geheiligd heeft op soortgelijke manier te maken met de wens van de Christen dat God de lof krijgt. Het is de wens dat God’s naam, dus zijn wezen, niet wordt onteerd, maar dat God alle eer krijgt om wie Hij is. Tussen de Fatiha en het OnzeVader bestaat dus overeenstemming wat betreft het besef dat de eer van God voor en boven alles hoort te gaan. Ook de vragen aan God dat zijn Koninkrijk kome en dat zijn wil geschiede, hebben te maken met het christelijke verlangen dat God de lof krijgt.

Welke prijzenwaardige kenmerken heeft Allah?
Er zijn verschillende redenen waarom het eren van Allah zo belangrijk is. In de context van de Fatiha, is de eerste reden dat Hij de Heer is van de werelden. Het heeft dus allereerst met zijn almacht te maken. Het Arabische woord voor werelden is in de pluralis, wat in de Arabische grammatika wil zeggen: het gaat om drie of meer werelden. Sommige moslims geven daarbij als commentaar dat het bijvoorbeeld zou kunnen gaan om de wereld van de mensen, de geestelijke wezen, en de toekomstige wereld. Anderen vermoeden dat deze meervoudvorm hier is gebruikt om te intensiferen; Allah is de Heer van werkelijk alle mensen en alle dingen, en daarom verdient Hij lof.

De verwijzing naar de barmhartigheid van Allah als aanleiding om Hem te loven, heeft wellicht ook vooral met zijn almacht te maken. De Arabische termen die met de Barmhartige en Genadevolle[1] zijn vertaald, kunnen beter vertaald worden met Weldoener, om het niet te verwarren met de christelijk visie op God’s erbarmen. In de Islam immers zijn Allah’s weldaden geen voortvloeisel vanuit zijn liefhebbende karakter, maar de willekeurige daden van de Almachtige.

De derde aanleiding die wordt gesuggereerd als reden voor het loven van God, heeft ook weer met zijn almacht te maken. Hij is de Meester van de Dag des Oordeels.[2] Een moslim beschrijft wat het betekent dat Hij Meester is van die Dag:
Op die dag zullen [alle machtige mensen] met zekerheid ontdekken dat ze machteloos zijn en vernederd, en dat Grootsheid, Macht en Gezag in hun geheel alleen aan Hem toebehoren. […] Niemand zal in staat zijn een mening te geven of een besluit uit te voeren zoals ze dat voorheen op aarde konden doen.[3]
De lof die Hem toekomt is dus vanwege zijn enorme macht. Wellicht is die lof in verband met de oordeelsdag ook een manier om Allah gunstig te stemmen. De Pakistaanse theoloog Sayyid Abul A’la Mawdudi zegt hierover in dit verband:
We moeten Hem niet alleen liefhebben omdat Hij ons voedt en onderhoudt en om zijn barmhartigheid en genade, maar we moeten Hem ook vrezen vanwege zijn rechtvaardigheid, en niet vergeten dat tenslotte ons geluk of onze ellende geheel van Hem afhankelijk is.[4]
Als we mogen aannemen dat Allah’s barmhartigheid en genade voor moslims ook duidelijk het aspect hebben van zijn oppermacht, kan je gerust zeggen dat de hele lijst van redenen die Mawdudi geeft, te maken heeft met Allah’s almacht als reden voor zijn lof.

Welke redenen voor het eren van God kennen Christenen?
In het algemeen zullen Christenen weinig moeite hebben met de redenen waarom Moslims Allah menen te moeten prijzen. Ook Christenen zijn onder de indruk van de oppermacht van God. Immers, we bidden: want van u is het Koninkrijk, en de kracht, en de heerlijkheid in der eeuwigheid.

Een groot verschil is er ook; de heerlijkheid van God waarover het OnzeVader spreekt, is niet alleen een kwestie van almacht, maar vooral van God’s karakter. Dat behelst onder meer de term waarmee het christelijke gebed begint: Hij is onze Vader. Als Christenen God prijzen voor zijn almacht, doen ze dat in het kader van zijn Vaderschap. Zijn almacht is niet, zoals die van Allah, willekeurig, maar gekenmerkt doordat Hij onze liefhebbende Vader is.

Voor Christenen is het daarom mogelijk om te bidden dat het Koninkrijk van God spoedig komt en dat zijn wil zal worden gedaan op aarde; voor moslims is de Dag des Oordeels alleen maar vreeswekkend. Een verlangen naar die Dag is ondenkbaar voor wie God slechts kent in zijn almacht, maar niet als Vader.


[1] Het arabische werkwoord dat aan de begrippen voor Barmhartige ten grondslag ligt, is rahima, yirhamu. Vanuit het Hebreeuws kennen we het hetzelfde woord met globaal dezelfde betekenis.
[2] Het Arabisch voor het woord Meester is onduidelijk. Er zijn twee versies van de Fatiha in omloop. Sommige spreken over de Eigenaar van de Dag van het Oordeel, andere over de Koning van de Dag van het Oordeel. Een subtiel grammatikaal verschil, wat overigens laat zien dat de Koran niet altijd zo duidelijk onveranderd is als moslims graag doen voorkomen.
[3] www.muhajabah.com/islamicblog (27 October 2007)
[4] Sayyid Abul A’la Mawdudi,Towards Understanding the Qur’an, Vol 1, Surahs 1-3 (Translated and edited by Zafar Ishaq Ansari), (Leicester, 1988), p. 36.

De Fatiha: Het gebed van de Islam (1) Hoe naderen we tot God?

Surah Al-Fatiha:
1. In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
2. Alle lof zij Allah, de Heer der werelden
3. De Barmhartige, de Genadevolle
4. Meester van de Dag des Oordeels
5. U alleen vereren wij en U alleen smeken wij om hulp
6. Leid ons op het rechte pad,
7. het pad dergenen aan wie Gij gunsten hebt geschonken, niet dat van hen op wie toorn is
nedergedaald, noch dat der dwalenden.

Introductie
Alle moslims kennen de eerste surah[1] van de Koran uit het hoofd; dit hoofdstuk, de Fatiha (de Opening), is een belangrijk onderdeel van elk islamitisch gebed. Wie trouw vijfmaal per dag bidt, zegt de Fatiha dagelijks 17 keer op.[2] In alle islamitische landen wordt de Fatiha via het onderwijs, de media en in de moskee in de gelovigen gehamerd. Om te begrijpen hoe moslims denken over hun geloof, is het dus heel goed om de Fatiha onder de loupe te nemen. We zullen dat doen in een aantal korte studies, waarbij we niet alleen de Fatiha op zichzelf bekijken, maar ook in vergelijking met het gebed dat voor christenen een heel vormende rol speelt, namelijk het OnzeVader.[3]

Bidden tot Allah
De reden waarom moslims elk gebed beginnen met de Fatiha, is omdat de hadiths[4] melden dat Mohammed dit verplicht heeft gesteld. Voorafgaand aan het opzeggen van de Fatiha, moet bovendien altijd een ander vers uit de Koran worden opgezegd, namelijk: ‘Ik zoek Allah’s bescherming tegen de vervloekte satan.’[5] De Islam gelooft dat satan het de gelovigen moeilijk wil maken om eerbiedig tot Allah te bidden, dus moet Allah’s hulp gevraagd bij het bidden.

Het OnzeVader begint met de bepaling van de geadresseerde, dat is: Onze Vader. Voor moslims is die term taboe. Dat christenen God de Vader van Jezus Christus noemen is een verwerpelijke gedachte voor moslims. Bovendien zijn ze ook in het algemeen huiverig voor de term Vader in verband met Allah, omdat dit een soort mensvormigheid van Allah suggereert waar de Islam wars van is. Allah is ten diepste onkenbaar, en alle vergelijkingen die we voor Hem gebruiken zijn onjuist, leert de Islam.

De Fatiha begint met de aandacht te richt op Allah, die Barmhartig en Genadevol wordt genoemd. Met dat eerste vers beginnen bijna alle hoofdstukken van de Koran; moslimse geleerden zijn het er niet over eens of deze woorden bij de oorspronkelijke openbaring van de surahs aan Mohammed horen, of dat Mohammed ze daaraan later heeft toegevoegd. Dit eerste vers van de Fatiha wordt in het dagelijks leven van moslims veel gebruikt, zoals bij het binnengaan van een huis, of bij het begin van een voordracht of het schrijven van een brief. Het gebruik van de woorden zou naar verluidt tot enorme zegeningen van Allah leiden.

In de begintijd van de Islam waren er wel kritische bewoners van Mekka die beweerden dat Mohammed met de term In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle, in wezen drie goden bij elkaar bracht. Dit duidt er op dat in het heidense Mekka de goden Allah, Barmhartige, en Genadevolle werden erkend als drie afzonderlijke wezens. Mohammed zou de positieve kenmerken van andere goden dan hebben verenigd in de belangrijkste van de Mekkaanse goden die hij wilde vereren, namelijk Allah.

Is de Allah van de Islam dezelfde als de God van het Christendom? Moslims beschouwen de term Allah als een eigennaam van de Schepper, maar het is wel zeer aannemelijk dat de naam aanvankelijk de soortnaam van de Schepper was, afgeleid van het Aramese Alaha, wat gewoon God betekent. De christenen en Joden die Mohammed ontmoette en die doorgaans Aramees als spreektaal hadden, spraken dus over Alaha, God. In wezen is deze discussie nogal steriel; waar het om gaat is niet in de eerste plaats de klank die we gebruiken om de ene God mee aan te duiden. Veel belangrijker is hoe we Hem omschrijven, ons beeld van Hem. En nog belangrijker: hoe kunnen we tot Hem komen. In dit opzicht is het verschil tussen de Islam en het Christendom erg groot.

In de naam van Jezus
Christenen eindigen hun gebed vaak met de woorden in de naam van Jezus, of soortgelijke termen. Daarmee bedoelen we te zeggen dat we ons gebed niet zomaar tot God de Vader opzeggen als de zondige, falende, beperkte mensen die we zijn. Dan zouden we wel erg weinig kans hebben dat ons gebed ooit tot God doordringt. We bidden daarom namens Jezus, alsof Hij het zelf is die het gebed tot God opzendt. Dat is mogelijk omdat God ons aanziet in zijn Zoon; de heiligheid en volmaaktheid van Christus zijn ons toegerekend door zijn barmhartigheid.

De opening van de Fatiha lijkt op hoe wij ons gebed eindigen. Een moslim verwoordt de betekenis van de openingswoorden zo: ‘Het is alsof de dienaar zegt: “ik zoek de hulp van Allah met elk van zijn namen, [zoals] de Barmhartige, de Genadevolle, voor de volgende actie die ik ga ondernemen.’[6] De woorden in de naam van Allah behelzen dus de wens dat Allah bij het bidden van de Fatiha helpt met alle hulp die Hij kan bieden. Dat blijft natuurlijk bij wensen en hopen, want Allah is wel erg ver en de mens erg nietig.

In het geval van het christelijke gebed zijn de woorden in de naam van Jezus een uitspraak van vertrouwen. Omdat God ons aanziet in zijn Zoon, Jezus Christus, kunnen we in vertrouwen bidden; dankzij Christus is God ook onze Vader


[1] De Koran is verdeeld in 114 surahs, hoofdstukken. Die surahs zijn weer verdeeld in ayahs, verzen. De Fatiha bestaat uit zeven ayahs.
[2] Het aantal moslims dat deze trouw aan de dag legt, is niet erg groot.
[3] Ik ga uit van de versie zoals gegeven door Matteus 6:9-13.
[4] De hadiths zijn de verhalen over de woorden en daden van Mohammed die door zijn volgelingen eerst mondeling zijn doorgegeven, en die rond de tweede eeuw van de Islam in een zestal min of meer normatieve verzamelingen te boek zijn gesteld
[5] Dit is Surah al-Nahl, ayah (vers) 98.
[6] www.muhajabah.com/islamicblog (27 October 2007)

Sola Scriptura en de Islam

De orthodoxe Islam heeft altijd geloofd in de Quran als het vanuit de hemel neergezonden Woord van Allah. Naast de Quran kennen moslims ook een enorme verzameling van woorden en daden van de profeet, die voor moslims absoluut normatief zijn, de zogenaamde hadith. Ongeveer 200 jaar na de dood van Mohammed zijn zes verzamelingen van hadith gemaakt die tegenwoordig als orthodox worden beschouwd. De bekendste daaronder is die van Bukhari, een theoloog uit de negende eeuw. Door de hadith kennen Moslims hun profeet; het is bovendien de manier om te ontdekken hoe de Quran moet worden geinterpreteerd.

Door de eeuwen heen is door Moslims veel gediscussieerd over de vraag welke woorden en daden van Mohammed die staan genoteerd in die traditionele hadithverzamelingen, betrouwbaar zijn. Er is veel kaf onder het koren. Maar ondanks die discussie, is nooit fundamenteel getwijfeld aan het belang van die hadith als zodanig.

De hadith beschrijven in detail hoe Mohammed leefde en wat hij zijn volgelingen aan sociale en politieke opdrachten gaf; dat alles is normatief voor moslims. Ze proberen Mohammed’s voorbeeld in detail na te leven. De hadith hebben dus ingrijpende invloed op het alledaagse leven, maar ook op politiek en samenleving. Veil moslims gebruiken bijvoorbeeld een twijgje om hun tanden te poetsen en kiezelstenen in plaats van toiletpapier, simpelweg omdat Mohammed dit deed. Mag een man de hand geven aan een ander dan zijn eigen vrouw? Mohammed sprak erover en wij kennen de konsekwenties.

De enorme verzamelingen van hadith leveren een groot probleem op aan moslims die willen integreren in de moderne wereld. Waar de Koran vaak onduidelijk en dus multi-interpretabel is, laten de minutieuze hadith geen enkele ruimte om eens met een frisse blik naar de Quran en de levensstijl te kijken. Het houdt moslims gevangen in interpretaties waar velen tegenwoordig toch wel grote moeite mee hebben. In Turkije is daarom een instituut aan de universiteit van Ankara bezig om de hadith nog eens extreem kritisch tegen het licht te houden.

Veel verder gaan de zogenaamde Quran-Alleen moslims. Ze pleiten ervoor alle hadith overboord te gooien en allleen de Quran over te houden als bron van gezag. ‘Wie is Bukhari? Wij willen alleen het woord van Allah, de Quran’, valt in hun publikaties te lezen. Dit stelt ze in staat tot radikale herinterpreties van de Islam. Zo zeggen sommigen dat de Islam helemaal geen vrijdaggebed voorschrijft. Er zijn verschillende van dit soort groepen die door de grote meerderheid van moslims als gevaarlijke afvalligen worden beschouwd.

In Egypte belanden zulke lui af en toe in de gevangenis. Ze worden gezien als gevaar voor de stabiliteit van de samenleving. Voor de ontwikkeling van een polderislam zou die Quran-Alleen beweging juist wel eens heel zinvol kunnen zijn, omdat het een radikale reformatie van de Islam mogelijk maakt.

Dit artikel stond op 29 december 2008 in het Nederlands Dagblad
(c) Jos M Strengholt

donderdag 30 oktober 2008

Als het regent in Cairo

Het gebeurt niet vaak, maar deze week hadden we een stevige plensbui in een deel van Cairo. (In Heliopolis, stad van de zon) Bij ons in de buurt stormde het 5 minuten, en 10 kilometer verderop viel het water. Meteen de halve stad ontregeld...

Spreken als Brugman, cameralui voor Pampus

Zomaar iets uit mijn werk.. dit jaar produceren we ongeveer 100 TV programma's van 45 minuten elk samen met de predikant, pastor Sameh, van een grote kerk hier in Cairo. Een enorme klus, maar de man kan praten als Brugman dus de programma's worden eruit gestampt. Soms slagen we er in 7 programma's per dag te maken. Pastor Sameh spreekt wel door, al liggen de cameralui en het publiek helemaal voor Pampus na zo'n dag.

De 100 programma's zijn het eind nog niet. In 2009 moeten we er nog 70 maken, tenminste, volgens onze huidige afspraken. Maar pastor Sameh heeft al laten weten dat hij nog minstens tot 200 of misschien wel 250 programma's wil doorgaan.

Op dit moment worden de eerste programma's al uitgezonden. Een zender, Miracle Channel, zend wekelijks een programma uit en dat wordt per week 12 keer herhaald. SAT-7 begint in december met het uitzenden van dezelfde programma's. Andere zenders zullen zeker volgen. Mooi dat er zoveel behoefte aan bestaat.